‘Ze zeggen dat ik kan schoonmaken in een supermarkt. Maar ik ben ingenieur’
Jephias Mundawaro (60) is een professionele ingenieur uit Zimbabwe en voormalig universitair docent. Maar ondanks zijn vele pogingen, kan hij zijn kennis hier niet benutten.

Jephias Mundawaro. Foto: Fadel Dawod
Jephias noemt zichzelf “nog altijd docent”, ook al heeft hij al jaren niet lesgegeven. “Je verliest niet wie je bent,” zegt hij. Hij gaf les aan de University of Zimbabwe, de University of Johannesburg en de Addis Ababa University. In Zimbabwe was hij ook voorzitter van de vakbond van universitair docenten en hielp hij demonstraties te organiseren voor betere arbeidsomstandigheden. Hij vertelt dat hij werd gearresteerd, mishandeld en bewusteloos werd achtergelaten in een bos. Zijn rug was op drie plaatsen gebroken. Nog altijd krijgt hij elke vier maanden een medische behandeling in Amsterdam.
Al zeven jaar woont Jephias in asielopvangcentra en tijdelijke huisvesting. Hij verbleef in Eindhoven en Roermond voordat hij in Amsterdam aankwam. Nadat hij een nachtopvang verliet, werd hij dakloos. Ondanks zijn diploma’s, waaronder extra studies in zonne-energie in Nederland, kwam hij moeilijk aan een verblijfsvergunning – en dus aan werk. Na een afgewezen asielaanvraag leefde hij een periode als ongedocumenteerde in Nederland. Uiteindelijk kon hij met steun van het Amsterdams Solidariteits Komitee Vluchtelingen (ASKV) terug naar de asielprocedure. Nu woont hij in een azc in Amsterdam.
“Mijn dagelijks leven is verschrikkelijk,” zegt hij zacht. “Ik was altijd druk, moest honderden opdrachten nakijken. Nu word ik wakker, eet ik, slaap ik. Mijn leven staat gewoon stil.”
Trots
Zonder verblijfsvergunning is het lastig voor Jephias om zijn beroep uit te oefenen. Hoewel hij Nederlandse kwalificaties heeft en geregistreerd staat als gespecialiseerd in zonne-energie, zeggen werkgevers dat hij een vergunning nodig heeft. “Ze zeggen dat ik kan schoonmaken in een supermarkt,” zegt hij. “Maar ik ben ingenieur. Ik ben trots op mijn beroep.”
Hij ontvangt € 14 per week. Van dat bedrag moet hij vervoer en persoonlijke uitgaven betalen. “Ik verdiende vroeger het equivalent van € 5.000 per maand,” vertelt hij. “Het is onterend.”
En het gaat niet alleen om het geld. Jephias heeft zijn familie al zeven jaar niet gezien. Hij miste de bruiloften van zijn zoon en zijn dochter. De onzekerheid beïnvloedt ook zijn mentale gezondheid. Hij krijgt momenteel psychotherapie in een traumacentrum in Amsterdam en gebruikt slaapmedicatie. “Je blijft denken: Kom ik ooit uit deze situatie?”
Betrokkenheid
Jephias vindt dat asielzoekers en mensen zonder papieren vaak niet worden gehoord in politieke debatten. “Als je hier komt als vluchteling, staat je leven stil,” zegt hij. “Voor een ingenieur geldt: als je hem tegenhoudt, ontwikkelt de technologie zich verder. Het wordt moeilijk om bij te blijven.”
Lokale beleidsmaatregelen over asielopvang en steun voor ongedocumenteerde migranten zijn dan ook belangrijke onderwerpen voor de komende gemeenteraadsverkiezingen. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor noodopvang, maatschappelijke ondersteuning en toegang tot basisgezondheidszorg. Volgens Jephias is er meer betrokkenheid nodig. “Mensen weten niet wie wij zijn,” zegt hij. “Maar we kunnen bijdragen. We kunnen helpen om Amsterdam verder te ontwikkelen.” Vandaar dat Jephias ook ‘ambassadeur’ is bij de Ubuntu Ambassade, een Amsterdamse stichting die nieuwkomers en ongedocumenteerde vluchtelingen een stem en gezicht wil geven. De ambassadeurs van Ubuntu treden op als sprekers en geven workshops.
Om zijn nek draagt Jephias nog steeds de sleutels van zijn oude universiteitskantoor in Zimbabwe. Hij bewaart ze al zeven jaar. “Ze hebben emotionele waarde,” zegt hij terwijl hij ze laat zien. “Dat kantoor was mijn leven. Ik geloof nog steeds dat dat leven kan terugkomen.”
Op zijn zestigste, bijna eenenzestig, noemt hij zichzelf een strijder. Hij citeert Nelson Mandela: “Er is een lange weg naar vrijheid.” Voor Jephias gaat die weg verder – dit keer in Amsterdam.
Ongedocumenteerde migranten in Amsterdam
Tussen de 10.000 en 30.000 ongedocumenteerde mensen wonen in Amsterdam, volgens de Ombudsman. Dit is een ruwe schatting, omdat zij nauwelijks in beeld zijn bij de autoriteiten. Veel mensen leiden bewust een zo onzichtbaar mogelijk bestaan uit angst voor uitzetting. Ongedocumenteerde migranten hebben geen recht op reguliere sociale uitkeringen, maar hebben volgens de Nederlandse wet wel toegang tot medisch noodzakelijke zorg.
Het huidige kabinet wil ‘onrechtmatig verblijf’ strafbaar maken. Dat plan moet nog worden goedgekeurd door de Eerste Kamer. Een meerderheid van de partijen in de Amsterdamse gemeenteraad heeft een motie aangenomen waarin ze zeggen de wet niet te zullen handhaven, als deze wordt aangenomen.
Deze verkiezingsspecial kwam tot stand in samenwerking met Netwerk Nieuwkomers Amsterdam (NNA). Het NNA wordt gefinancierd door de gemeente Amsterdam.
Over de auteur